Op 27 oktober heeft het tweede geloofsgesprek plaatsgevonden.
De bedoeling is om wijkbewoners uit meerdere generaties met elkaar in contact te brengen, omdat je meestal met geestverwanten of leeftijdgenoten gesprekken voert.
De toerustingscommissie heeft wijkbewoners uit 3 generaties uitgenodigd om met elkaar in gesprek te raken over het jaarthema “samen christen zijn”.
Deze avond ging het over de vraag welke relatie jij / u heeft met de gemeente en de kerk
IK, wij en de Kerk
Geloofsgesprek – donderdag 27 oktober
- Vragen in het Lagerhuis
Verdeeldheid in de gemeente
1 Kor. 1
10 Broeders en zusters, in de naam van onze Heer Jezus Christus roep ik u op om allen eensgezind te zijn, om scheuringen te vermijden, om in uw denken en uw overtuiging volkomen één te zijn.
Toelichting: samen een gezin vormen: dat wil je bij elkaar houden, We zien onverschilligheid: we hebben toch genoeg kerkleden, een meer of minder is niet zo belangrijk.
Stelling 1:
Wie geen eenheid zoekt in de gemeente, zet Jezus niet centraal!
Vele gaven, één Geest
Hoofdstuk 12
4 Er zijn verschillende gaven, maar er is één Geest; 5 er zijn verschillende dienende taken, maar er is één Heer; 6 er zijn verschillende uitingen van bijzondere kracht, maar het is één God die ze allemaal en bij iedereen teweegbrengt. 7 In iedereen is de Geest zichtbaar aan het werk, ten bate van de gemeente.
Toelichting: is het geen ideaalplaatje als de Kor-brief stelt dat in iedereen de Geest zichtbaar is??? En dan ook nog ten bate van de gemeente. Zien we niet een steeds kleiner wordende kern van actieve, zichtbare mensen, en juist sterk toenemende passiviteit en zondagsgeloof. Speelt het toenemende individualisme ook ons niet enorm parten? Lopen we zo niet het gevaar de Geest zelf uit te blussen?
Stelling 2:
De Geest wordt steeds minder zichtbaar in onze gemeente
God heeft ons lichaam zo samengesteld dat de delen die het nodig hebben ook zorgvuldiger behandeld worden, 25 zodat het lichaam niet zijn samenhang verliest, maar alle delen elkaar met dezelfde zorg omringen. 26 Wanneer één lichaamsdeel pijn lijdt, lijden alle andere mee; wanneer één lichaamsdeel met respect behandeld wordt, delen alle andere in die vreugde.
Toelichting: zijn we betrokken op het wel en wee van het naaste gemeentelid? Missen we hem/haar als ‘íe weg gaat? Gunnen we de ander zijn/ haar beleving in de diensten? Denk aan tieners / ouderen, welkomstdiensten, aangepaste diensten. Zijn we gefocust op onze eigen genoegdoening of zoeken we het heil van de ander en gunnen we hem/haar ook een fijne beleving van de kerkdiensten?
Stelling 3:
De kerk is zo verdeeld in doelgroepen, dat we de ander niet meer zien of tegemoet willen komen in onze kerkdiensten.
- Generatiegroepjes met vragen
Het apostelschap en de gemeente
Hoofdstuk 3
7 Het is niet belangrijk wie plant of wie begiet; alleen God is belangrijk, want hij doet groeien. 8 Wie plant en wie begiet hebben hetzelfde doel, al worden ze ieder apart beloond overeenkomstig de moeite die ze zich hebben gegeven.
Toelichting: het maakt niet uit wie er in de gemeente voor gaat: iedereen is goed volgens Paulus. De praktijk is anders: we komen gewoon niet opdagen of shoppen.
Het lijkt wel of we zo egocentrisch zijn geworden dat we alleen maar halen in de kerk wat we zelf nodig denken te hebben
Vraag 1: Ga jij naar de diensten in de Ark, ongeacht wie er voor gaat? En waarom wel/niet?
Vraag 2: In hoeverre (h)erken jij dat egocentrische uit de stelling?
Hoofdstuk 4
12Worden we bespot, dan zegenen we; worden we vervolgd, dan verdragen we het; 13 worden we beledigd, dan antwoorden we vriendelijk. Tot op dit ogenblik zijn wij het uitschot van de wereld, het uitvaagsel van de mensheid.
Toelichting: Het is niet zo leuk om christen / kerklid te zijn. Lijden zoek je niet op, is niet aantrekkelijk . Lijden is een logisch gevolg van het aannemen van Christus: je kruis opnemen.
De vraag is: Willen we Zijn kruis dragen?
Vraag 3: Kan je aangeven waar jij lijdt aan (op de ander gericht) of door(op jezelf gericht) het christen-zijn?
Vraag 4: Wat versta jij onder het kruis dragen van Christus?
Hoofdstuk 4
14 Ik schrijf dit alles niet om u te beschamen, maar om u als mijn geliefde kinderen terecht te wijzen. 15 Hoeveel opvoeders in het geloof in Christus u ook zult hebben, u hebt maar één vader. Door Christus Jezus ben ik uw vader geworden, omdat ik u het evangelie heb gebracht. 16 Ik roep u dus op mij na te volgen.
Toelichting: we zijn wel kritisch , maar dulden geen kritiek. Kritiek is overwegend een negatieve ervaring voor mensen. Waarom kunnen we geen kritiek aan?
Hoe kan je opvoeden in het geloof? Beladen vanuit het verleden: controle door anderen over jouw leven. Waarom zijn we zo allergisch voor kritiek. Denk aan hulp in relaties en opvoedingsvraagstukken. Denk aan marriagecourse / geloofsopvoedingskringen e.d.
De hamvraag is of je wel iets kunt leren, als je nooit hebt leren omgaan met kritiek, laat staan aanvaarden
Vraag 5: Geef eens voorbeelden van mensen, waar jij (in het geloof) iets of veel van hebt geleerd?
Vraag 6: Wat is er voor nodig om jou te overtuigen van de positieve waarde van kritiek?